terug

Onzin door mij

 

Amsterdam, januari 2010

 

Volgens sommige mensen zou je het halve internet kunnen vullen met de onzin die ik heb uitgekraamd. Zelf zie ik dat genuanceerder, maar ik maak fouten en die probeer ik hier recht te zetten. De mens is feilbaar en er zijn sterke aanwijzingen dat ik een mens ben.

We beginnen met iets relatief kleins, in de hoop dat u snel wegklikt en mijn grotere missers en onvolkomenheden ongelezen laat. Op vrijdag 27 oktober 2007 mocht ik in Groningen een soort erespeech houden voor de Amerikaanse onderzoeksjournalist Seymour Hersh, die daar de zogeheten Van der Leeuw lezing houdt. Ik moest die erespeech al weken geleden moeten inleveren, en daardoor was-ie op punten achterhaald. Dat is ellendig maar erger is dat ik bepaalde correcties niet meer kon doorvoeren. Er circuleert dus een gedrukte versie van deze speech, niet degene waarnaar ik hier link, met een paar echte onvolledigheden.
In de speech vraag ik mij af waarom er geen Nederlandse Seymour Hershes zijn, of beter: waarom de journalistiek geen eigen grootscheeps onderzoek a la die van Hersh in Amerika doet naar de ware toedracht van de Irakoorlog, en naar de werkelijke situatie nu in Afghanistan.

Twee correcties: er gebeurt wel degelijk van alles. Arnold Karskens trekt er voor Nieuwe Revu en Zembla regelmatig op uit. Arnon Grunberg bericht eerlijk en open van zijn pattrouilles met Nederlandse troepen, Nova heeft zeer interessante, vernieuwende en bekroonde reportages gebracht, en zo kan ik doorgaan met incidentele uitzonderingen op de regel dat er geen constante stroom eigen journalistiek onderzoek komt uit Afghanistan in het algemeen en Kaboel in het bijzonder - waardoor we veel te veel aangewezen zijn op de nieuwsstroom, en dus Het Grote Verhaal, dat Defensie ons aanreikt.
De ernstige misser in mijn erespeech - die dus helaas al gedrukt is in het programmaboekje - is dat het radioprogramma Argos van de VPRO al jaren wel, op de methode van Hersh, dingen naar boven haalt. De bevindingen van Argos worden niet echt opgepikt door de rest van journalistiek Nederland, zacht uitgedrukt, maar ze doen het wel en ik kan me voor het hoofd slaan dat ik dat niet vermeld in die erespeech.

 

Verder terug in de tijd is er nog de Sander Thoenes-lezing.
Die gaf ik in september 2006 en hierin staan twee fouten. Ik beweer dat de Amerikaanse terrorisme deskundige Jessica Stern enorm stoer doet over haar bezoeken aan Hezbollah. Dat doet ze juist niet. En ik beweer dat de Panorama veel groter is dan alle opinieweekbladen bij elkaar. De Libelle is dat wel, en de Margriet, en de Autoweek en nog veel meer bladen, maar Panorama nu juist weer niet.

 

Boeken

Het is geweldig als je veel boeken verkoopt, maar het levert ook weer nieuwe problemen op. Want hoe corrigeer je een fout, of voeg je nog iets toe dat je pas later hebt bedacht? In nieuwe drukken zet je het recht, maar hoe bereik je de lezers die het boek al in huis hebben? Gelukkig heb ik deze rubriek.

Mijn boeken dan. Allereerst zet ik een grote fout en enkele kleinere recht in mijn laatste boek Het zijn net mensen. Lees, huiver en zegt het voort aan mensen die een druk hebben van Een goede man slaat soms zijn vrouw van voor mei 2007, of een druk van Het zijn net mensen van voor juli 2007.

Aan het eind van Het zijn net mensen, op blz. 214, beschrijf ik de val van Bagdad, in het bijzonder het omtrekken van een groot standbeeld van Saddam Hussein op Fardoes- plein. Ik beweer dan dit tafereel van ‘A tot Z in scene was gezet door een officier van de afdeling psychologische oorlogvoering van het Amerikaanse leger’. Dit klopt niet. Ooggetuigen als de Nederlandse journalist Arnold Karskens hebben recent verklaard dat het omtrekken een spontane actie was. Het was niet het spontane volksfeest dat vooral Amerikaanse en Britse media ervan maakten, maar vooraf bedacht was het evenmin. Zie ook: http://www.commondreams.org/headlines04/0703-02.htm
Het spijt me bijzonder dat ik pas nu deze grote onjuistheid heb ontdekt, vooral omdat ik tijdens lezingen vaak heb verteld over dat tafereel op Fardoes-plein.

Andere, in nieuwe drukken gecorrigeerde fouten zijn:

Op blz. 130 schrijf ik dat ik voor de tv een reportage maakte ‘waarin ik ontkende noch bevestigde dat Arafat een volksheld was.’ Dit is evenmin juist, zo ontdekte ik toen ik eindelijk een kopie wist te bemachtigen van die tv-reportage. Het was nog erger: ik zei gewoon dat Arafat een volksheld was.

De Israelische partij Shas erkent Israel wel degelijk. Deze onjuiste bewering stond in eerdere edities op pagina 135.

 

That's all folks (for now)